Pensioenopbouw werknemerHoezo zorgen over pensioenopbouw? Dat gaat toch vanzelf als je werknemer bent? Inderdaad, maar er kan het een en ander fout gaan. Als je er niet alert op bent zit je straks met een inkomen dat tegenvalt. Wees er op tijd bij want als je te lang wacht kun je een pensioengat niet meer repareren. We hebben een aantal aantasters van je pensioenopbouw en mogelijke fixers op een rij gezet.
Verandering van baan Tips over pensioen tijdens je loopbaan vind je op deze pagina Aantaster: verandering van baan
Verandering van baan kan een verandering van pensioenregeling betekenen. En dat is vaak niet goed voor de pensioenopbouw van een werknemer (pensioenbreuk). Dit speelt vooral bij eindloonregelingen en als je bij je nieuwe werkgever meer gaat verdienen. Immers, loonsverhogingen van je nieuwe werkgever werken niet meer door in het opgebouwde pensioen bij de oude werkgever. Bovendien loop je kans dat je pensioen bij je oude werkgever niet of slechts gedeeltelijk wordt geïndexeerd. Dit komt nog regelmatig voor bij verzekeraars. Per jaar wordt dat stuk van je pensioen minder waard. Als je bij een oude werkgever pensioen hebt staan, ben je een ‘slaper’. Fixers: indexering en waardeoverdracht
Indexering wil zeggen dat je pensioen jaarlijks wordt verhoogd met een percentage. Het doel is om daarmee de inflatie (gedeeltelijk) goed te maken. Indexering is niet verplicht, maar als een pensioenuitvoerder het wel doet moet hij oude pensioenrechten (slapers) gelijk behandelen.
Waardeoverdracht, de naam zegt het al, is een methode waarbij het opgebouwde pensioen van de oude pensioenuitvoerder over gaat naar de nieuwe. Waardeoverdracht is vooral zinvol als de nieuwe werkgever een eindloonregeling heeft en de oude een middelloonregeling. Je oude pensioenrechten profiteren dan mee van loonstijgingen bij je nieuwe werkgever. Waardeoverdracht moet je aanvragen binnen zes maanden nadat je in dienst bent getreden bij je nieuwe werkgever. Klik hier voor meer over waardeoverdracht Bij de meeste pensioenregelingen bouw je elk jaar 1,75 procent pensioen op (afwijkingen zijn mogelijk). Werk je van je 25e tot je 65e onafgebroken, dan heb je veertig dienstjaren. Dat vermenigvuldigd met 1,75 procent geeft je 70 procent pensioenopbouw. Tegenwoordig halen weinig mensen dat. Heb je minder, dan zit je – althans volgens de formule – met een pensioengat. Het kan echter geen kwaad dit te relativeren. Jij bent immers degene die het beste kan beoordelen of je genoeg pensioen hebt of tekort komt. Fixers: talloze
Ben je werknemer, dan kun je wellicht extra pensioen bijsparen via je pensioenregeling. Dit is wel aan voorwaarden gebonden: je moet een pensioentekort hebben en wat je extra kunt inleggen is gebonden aan een maximum. Je hoeft dit niet per se van je maandelijks salaris te doen. Vakantiegeld of een bonus mag ook. Wat je extra spaart is fiscaal aftrekbaar.
Je kunt het ook zoeken buiten je werkgever. Je kunt bijvoorbeeld periodiek geld storten in een beleggingsfonds. Moet je nog een jaar of dertig werken, dan kun je daarmee wat meer risico nemen. Meer risico betekent meestal meer aandelen. Als je wat ouder wordt is het wel verstandig het risico te verkleinen. Dat kan door een deel van de aandelen te vervangen door obligaties. Een lijfrente is ook een optie. Je stort periodiek of in een keer een koopsom op de rekening van een verzekeraar of een bank. Aan het einde van de looptijd is het bedrag aardig gegroeid. Je moet er dan iets mee doen; ofwel je koopt er een lijfrenteverzekering van, waar je periodiek uitkeringen uit ontvangt, of je stelt de uitkeringen nog een tijdje uit. Als je een pensioengat hebt, kun je profiteren van een fiscaal voordeel. De betaalde premies zijn dan namelijk aftrekbaar. Werkloosheid betekent bijna altijd een teruggang in inkomen. Je pensioenopbouw heeft daar ook onder te lijden. Fixers: cao, sociaal plan, zelf betalen of FVP
Als je jonger bent dan 40, ben je voor voorzetting van je pensioenopbouw aangewezen op de afspraken in de cao van de betreffende bedrijfstak. Ben je slachtoffer van een grote ontslagronde, dan zijn er misschien voorzieningen getroffen in het sociaal plan. Het kan ook dat je bij je pensioenfonds vrijwillig de premiebetaling kunt voortzetten. Bij het ABP loopt de pensioenopbouw tijdens werkloosheid door voor 37,5 procent. De werkgever betaalt de premie. Werknemers van 40 jaar en ouder kunnen een beroep doen op de FVP-regeling, de Stichting Financiering Voortzetting Pensioenverzekering. Dit fonds vervolgt, geheel gratis, de pensioenopbouw zolang je recht hebt op ww (ouderdomspensioen en nabestaandenpensioen). In de meeste gevallen zal het UWV je naam doorgeven aan het FVP. Je krijgt dan automatisch een formulier thuisgestuurd waarmee je voortzetting kunt aanvragen. Helaas zal het FVP met ingang van 2011 geen nieuwe ww’ers meer toelaten. Misschien wel het meest onderschatte pensioenrisico. Bij een beschikbare premieregeling staat de hoogte van je pensioenuitkering niet vast; die is afhankelijk van beleggingsrendementen. Het kan dus tegenvallen. Het risico is minder groot als over het eerste deel van je salaris, bijvoorbeeld de eerste € 40.000, pensioenopbouw plaatsvindt op basis van een middelloonregeling. Fixers: aanvullende regelingen Je zou eerst eens bij je werkgever kunnen informeren of je ook kunt kiezen voor een veiliger pensioenregeling, zoals een middelloonregeling. Of je neemt deel aan een aanvullende pensioenregeling. Als je per maand wat geld overhoudt kun je dit apart zetten op een spaarrekening, of er premie van betalen voor een lijfrente die straks per maand een gegarandeerde uitkering geeft. Voor elk jaar dat je in het buitenland woont of werkt na je 15e lever je 2 procent AOW in. Fixers: vrijwillig bijverzekeren, uitbreiden dienstjaren
Vrijwillig bijverzekeren kan, maar dat kost je wel 17,9 procent premie van je loon. De hoogte van de premie is afhankelijk van je bruto jaarinkomen. Het minimum was in 2006 € 443,90, het maximum € 4439 per jaar. Hou er rekening mee dat je vrijwillig bijverzekeren binnen een jaar na je vertrek moet regelen. Meer info vind je op www.svb.nl Type bij het zoekbalkje ‘brochures’ in. Kies in het volgende scherm keuze 1 en dan ‘Brochures vrijwillige verzekering AOW en ANW’. Werkte je bij een buitenlandse dochteronderneming van je huidige werkgever? Dan mag je je dienstjaren (en dus ook je pensioenopbouw) uitbreiden met de jaren die je in het buitenland hebt gewerkt. Mits je niet hebt deelgenomen aan een lokale pensioenregeling. Voor een lease-auto moet je een deel van de nieuwwaarde bij je inkomen tellen. Over dit bedrag betaal je belasting, maar bouw je geen pensioen op. Fixer: 1. Betaal de bijtelling zelf Je kunt ook de bijtelling van je nettosalaris aan je werkgever betalen. In ruil daarvoor verhoogt de werkgever je brutosalaris met hetzelfde bedrag. Hierdoor wordt je pensioengevend salaris ook hoger en bouw je meer pensioen op. Je nettosalaris blijft onder de streep ongeveer hetzelfde. Fixer 2. Neem geen lease-auto of een kale Neem geen lease-auto of eentje met zo weinig mogelijk opties. Opties verhogen de bijtelling en verminderen de pensioenopbouw. Bedenk dat je bij pensionering de lease-auto wellicht moet inleveren. Dit betekent dat je zelf een auto moet kopen.
Fixer 3. Bouw pensioen op van overwerk Inflatie tast de waarde van je pensioenspaarpot aan. Hoe hoger de inflatie, hoe meer euro’s je kwijt raakt. Stel dat je opgebouwde pensioenrechten zouden neerkomen op netto € 500 pensioen per maand . De inflatie zetten we voor het gemak op 2 procent per jaar. Als je pensioen niet wordt aangepast aan de inflatie, is er van die € 500 na tien jaar nog € 408 over, na 15 jaar € 369 en na 20 jaar nog slechts € 334. Fixer: indexering Het pensioen van je werkgever moet minimaal gelijke tred houden met de inflatie. Je pensioen is dan waardevast. Kortom, als de inflatie in een jaar 2 procent is, moet je pensioen ook minimaal 2 procent stijgen. Indexering heet dat. Het punt is dat je pensioenuitvoerder – een pensioenfonds of verzekeraar - niet verplicht is om te indexeren. Je bent dus overgeleverd. De vuistregel is dat pensioenfondsen alleen indexeren als er voldoende geld in kas is. Je pensioenuitvoerder kan je pensioen ook gedeeltelijk indexeren. Bijvoorbeeld de helft of driekwart van de inflatie. Een jaar of twee niet indexeren hoeft overigens niet dramatisch te zijn. Gaat het daarna weer wat beter, dan kan een pensioenfonds met terugwerkende kracht indexeren. Het pensioenfonds van ABN AMRO gaat dat bijvoorbeeld doen in april 2007. Indexering is vooral van belang bij middelloonregelingen. Je uiteindelijke pensioen komt dan uit op 70 procent van het salaris dat je gemiddeld hebt verdiend. Bij eindloonregelingen is indexering niet zo belangrijk, omdat het pensioen gebaseerd is op 70 procent van je loon vlak voor pensionering. Als je salaris gaandeweg je carriere stijgt, stijgt je pensioen dus lekker mee. Echtscheiding kan je vijftig procent van je pensioen kosten. De wet verevening pensioenrechten stelt dat echtgenoten beiden recht hebben op de helft van het ouderdomspensioen dat tijdens het huwelijk is opgebouwd. De wet is van kracht sinds 1 mei 1995. De verdeling geldt alleen voor bedrijfspensioen, dus niet voor de AOW en aanvullende voorzieningen zoals levensverzekeringen. Fixers: aanvullend sparen Een echtscheiding zie je normaliter niet jaren vantevoren aankomen. Weinig mensen zullen dan ook speciaal voor die situatie extra pensioen reserveren. Maar het kan natuurlijk nooit kwaad om sowieso extra te sparen, naast het bedrijfspensioen. Bijvoorbeeld met een lijfrente, een spaarrekening of een beleggingsportefeuille. Overigens kun je in overleg met je partner ook afzien van pensioenverevening. Als beiden een goed pensioen hebben is dat ook niet nodig.
Vanaf 2015 vervalt de AOW-toeslag die een 65-plusser kan krijgen voor een jongere partner met geen of weinig inkomen. De toeslag kan nu nog oplopen tot de helft van de AOW die een gehuwd 65-plus stel ontvangt (ongeveer bruto € 680 in 2008). Fixers: aanvullingen en/of langer doorwerken Zorg tijdig voor voldoende aanvullingen totdat de jongere partner 65 is en ook AOW krijgt. De jongere partner kan natuurlijk ook wat langer doorwerken. Is onze overheid betrouwbaar als het om pensioenzekerheid gaat? Ik zou er niet helemaal op vertrouwen. Dit heeft Den Haag allemaal beslist: Tot nu toe:
- Afschaffing basisaftrek lijfrente in 2003 (was € 1069 in 2002) Wordt verwacht:
- Beperking levensloopregeling indien massaal gebruikt om vervroegd uit te treden
Pensioenvragen
|