Waarom ABP moet beleggen
Bij het ABP ziet iedereen de toekomst weer wat zonniger. Een groot deel van het verlies tijdens de kredietcrisis is goedgemaakt, de dekkingsgraad stijgt en gepensioneerden krijgen er dit jaar toch wat bij. En dan blijkt dat de helft van de Nederlanders niet wil dat pensioenfondsen hun premiegeld beleggen. Oef. Nicole Beuken, directeur van het Bestuursbureau ABP: "Beleggen moet."
De dekkingsgraad van het ABP stijgt. Hoe staat het pensioenfonds er momenteel voor?
“Ultimo december 2009 was de dekkingsgraad 109 procent. Ik moet erbij zeggen dat dit het cijfer is zonder de herijking van het financieel beleid. Dat doen we eens in de drie jaar. Omdat Nederlanders volgens de jongste prognoses van het CBS langer gaan leven nemen onze verplichtingen toe. ABP moet dus straks meer pensioen gaan uitkeren. Dat hebben we meegenomen in de laatste herijking. Het is een eenmalig effect met als resultaat dat onze dekkingsgraad is afgenomen tot 104 procent. Dat is het officiële cijfer per 31 december 2009.”
De kredietcrisis heeft ook bij het ABP grote gaten in het vermogen geslagen
“Het zit ‘m voor een groot deel in de rente. Ruim de helft van ons verlies tijdens de kredietcrisis is veroorzaakt door de renteval waardoor onze verplichtingen stegen. Het ging om 44 miljard waarvan we overigens alweer 35 miljard hebben terugverdiend.”
Heeft het herstel u verrast?
“Niet echt. Het herstelplan is eigenlijk een theoretische exercitie. Op basis van voorgeschreven parameters maak je berekeningen hoe de fondspositie zich in de komende jaren zal ontwikkelen. Daarbij zijn we verplicht om uit te gaan van een vrij laag beleggingsrendement, bepaalde rentestanden en bepaalde loonontwikkelingen. Al dat soort cijfers zitten er vast in. Wat we nu zien is dat de dekkingsgraad sneller herstelt dan volgens het herstelplan. Dat is ook vanaf het begin onze boodschap geweest; neem het herstelplan niet aan als een waarheid waaruit blijkt dat er bijvoorbeeld de eerstkomende vijf jaar niet wordt geïndexeerd. Zo hebben we per 3 januari besloten dat we een - zij het een bescheiden - indexatie van 0,45 procent kunnen toepassen. Als de dekkingsgraad zich blijft ontwikkelen zoals nu dan zijn we weer op de goede weg.”
Acht u het denkbaar dat er dit jaar nog extra indexatie bovenop komt?
"In juni kijkt het bestuur van ABP nogmaals naar het premie- en indexatiebesluit. Of er extra indexatie komt hangt helemaal af van de financiële positie van het fonds en het economisch klimaat op dat moment. Daar kan ik nu nog niets over zeggen.”
Er zijn pensioenfondsen die zich hebben ingedekt tegen het renterisico. Die fondsen hebben wel volledig kunnen indexeren. Waarom heeft het ABP dat niet gedaan?
“Wij dekken het renterisico voor een deel af. Dat kan op een bepaald moment heel gunstig zijn, maar je zou er ook eens de premie tegenover moeten zetten. De premie bij die pensioenfondsen ligt een stuk hoger dan bij ons en dat heeft alles te maken met het feit dat ze de rente afdekken. Het zijn een soort communicerende vaten. Je hebt premies die binnenkomen, je hebt rendementen die je maakt op het vermogen, en je hebt een regeling die je wilt uitvoeren. Op het moment dat je aan een van de knoppen draait heeft dat consequenties voor de andere. Als je het renterisico afdekt heb je minder risico maar ook potentieel minder rendement. Want als de rente oploopt heb je daar dus ook geen voordeel van. Nu zijn ze bij die fondsen waarschijnlijk heel blij. De vraag is of ze dat over twee jaar nog zijn. Tegen die tijd hebben wij het volle profijt van de oplopende rente, vooropgesteld dat die inderdaad gaat oplopen. Dat is de onzekere factor. Kijk, je kunt niet op een bepaald moment zeggen: zij hebben de rente afgedekt, ze hebben het goed gedaan. Je moet het over een veel langere periode bekijken.”
Heeft het ABP naar aanleiding van de kredietcrisis andere beleggingskeuzes gemaakt?
“Nee. We hebben gezorgd voor een betere risicobeheersing, maar onze strategisch mix voor de lange termijn is niet aangepast. Het strategisch beleggingsbeleid is eigenlijk ongewijzigd gebleven. Op onderdelen is het hier een onsje minder en daar een onsje meer.”
Uit recent onderzoek van de Vereniging van Bedrijfstakpensioenfondsen blijkt dat de helft van de Nederlanders niet wil dat pensioenfondsen hun pensioenpremie beleggen. Hoe gaat u aan uw deelnemers uitleggen dat beleggen juist wel verstandig is?
“Beleggen moet. Sparen levert gewoon te weinig op om pensioenen en premie betaalbaar te houden. Een voorbeeld: de 100 euro van 25 jaar geleden is door de beleggingen van het pensioenfonds nu uitgegroeid tot 514 euro. Dat is inclusief de dramatische gebeurtenissen op de beurzen in 2002 en 2008. Was diezelfde 100 euro op een spaarrekening gezet, dan was die nu 308 euro waard geweest. De opbrengst van sparen wordt door de meeste mensen te hoog ingeschat.”
Deelnemers aan pensioenfondsen worden kritischer
“Je ziet een aantal maatschappelijke ontwikkelingen. Vroeger droeg je premie af aan je pensioenfonds en als je 65 werd kwam er een uitkering. Voor de rest dacht je er niet zo veel over na. Nu is dat absoluut niet meer zo. Burgers worden inderdaad kritischer, stellen meer vragen, willen weten hoe de dingen in elkaar zitten. Ze eisen meer transparantie. Eigenlijk stellen ze eisen aan het pensioenfonds hoe er met hun geld wordt omgegaan.”
Welke rol speelt de media daarin?
“Het is wel zo dat die kritische houding door de media wordt aangejaagd. Er is steeds meer aandacht voor duurzaamheid en daarmee ook voor de wijze waarop pensioengelden worden belegd. De media stellen dan ook vaker kritische vragen aan ons. Men verwacht gedetailleerde antwoorden over specifieke beleggingen. Wij leggen graag uit hoe wij op een duurzame wijze de pensioengelden van onze deelnemers beleggen. Dat we daarbij niet iedereen tevreden zullen stellen is onvermijdelijk. Je ziet ook een wisselwerking; wij als pensioenfonds zijn transparanter en dat genereert natuurlijk ook weer vragen. Maar wij ervaren dit als positief. We hebben de afgelopen jaren grote stappen gezet in het invullen van ons duurzaam beleggingsbeleid en willen dat ook uitdragen.”
Hebben uw deelnemers een band met het ABP?
“Naarmate mensen dichter bij de pensioenleeftijd komen of als men gepensioneerd is, wordt de binding groter. Men wordt ook loyaler. We noemen die groep ook wel onze ambassadeurs. Het zijn mensen die een groot vertrouwen hebben in het pensioenfonds. Ze vinden dat we ons werk goed doen en dat ze netjes worden bediend. We hebben ook een hele hoge service-score. Wereldwijd zijn we de beste in de cem-benchmark (cost effectiveness measurement, PvH). Dat zien we ook terug in de klanttevredenheid en in de binding.
Jongeren van 25 tot 30 jaar daarentegen hebben niet zo veel met pensioen. Voor hen is het een ver-van-mijn-bed-show.”
Hoe is het volgens u gesteld met pensioenbewustzijn?
“Er wordt heel veel gepubliceerd over pensioenen, pensioenfondsen en dekkingsgraden. Desondanks blijkt dat mensen nog steeds erg weinig zicht hebben op hun eigen situatie. Ze hebben niet echt een idee wat pensioen voor ze kan betekenen anders dan dat ze straks een uitkering krijgen als ze oud zijn. Daarnaast weten ze nauwelijks hoeveel premie ze kwijt zijn aan hun pensioen. Soms denkt men dat het 30 procent is van het brutosalaris, terwijl het in werkelijkheid iets van 3 procent is. Daarmee is pensioen een hele goede en goedkope regeling als je het vergelijkt met individuele verzekeringsproducten, met name door de collectieve en solidaire aspecten die erin zitten. Dat pensioenbewustzijn is nodig om mensen echt geïnteresseerd te krijgen.”
Hoe wilt u ze aanspreken?
“Jongeren moet je heel anders benaderen dan de groep tussen 50 en 65 of gepensioneerden. Waar wij naar zoeken is hoe je kunt segmenteren. Dat mag ook wel want wij hebben 2,6 miljoen deelnemers. Die segmentatie is echt nieuw. Wij zijn ook het eerste pensioenfonds dat met animaties komt op de website. Er staan er dit jaar 22 op stapel. Ze zijn bedoeld om jongeren op een hele simpele, directe manier te informeren over pensioen.”
Er zijn heel wat mensen met een pensioengat. Binnen uw eigen fonds kunnen deelnemers extra voor hun pensioen sparen. Bijvoorbeeld door middel van ABP ExtraPensioen. Zou u daar niet wat meer de nadruk op moeten leggen?
“Dat doen we ook wel maar niet gericht want dat mogen we niet. We vertellen mensen wel precies hoeveel pensioen ze krijgen als ze stoppen met werken, als ze van baan wisselen of na een overlijden. Daar hebben we het Uniform Pensioen Overzicht voor dat sowieso verplicht is. En wat ExtraPensioen betreft, als iemand nieuw bij ons fonds binnenkomt krijgt hij een informatiepakket waarin we wijzen op aanvullende mogelijkheden. Dat is het maximale dat we kunnen doen, mensen goed informeren over hun vooruitzichten. Maar dan houdt het op. Al het overige is niet van ons, daarvoor moeten ze naar andere partijen. Daar mogen wij niet over communiceren.”
We zouden het digitale kanaal bijna vergeten
“ABP heeft MijnABP, het digitale tool waarmee onze deelnemers zelf kunnen rekenen met hun pensioen. Wij proberen mensen steeds meer naar de website te krijgen. MijnABP biedt nu eenmaal betere mogelijkheden om mensen echt goed te informeren. Als we kijken naar de diverse informatiekanalen dan zien we een duidelijke afname van het aantal telefoontjes in het callcenter. Het gebruik van de website neemt daarentegen enorm toe. Ook de digitale nieuwsbrief is erg populair. Mensen kunnen er doorlinken naar de website en doen dat ook.”
De pensioenregeling van Pensioenfonds ABP langs de meetlat
Paul van Hulsen
Publicatiedatum: 21 januari 2010
naar boven
|