Kan ik nog wel met vroegpensioen?

Je pensioenleeftijd bepaal je nog altijd zelf

Wie wil er nou doorwerken tot zijn 70e, 71e of nog langer? Toch wordt dit verwacht van de twintigers en dertigers van nu. Reden: de pensioenleeftijd in cao’s en de AOW-leeftijd wordt steeds hoger. Kun je je pensioenleeftijd ook nog omlaag brengen?

Het antwoord op die vraag is volmondig ja. Hoewel vut en prepensioen zijn afgeschaft, kun je bij de meeste pensioenfondsen nog altijd zelf bepalen of en wanneer je met (vroeg)pensioen gaat.

Vroegpensioen wil zeggen dat je eerder - helemaal of gedeeltelijk - stopt met werken dan de officiële pensioenleeftijd. Pensioenfondsen hebben het overigens over de pensioenrichtleeftijd. De overheid heeft deze per 1 januari 2018 vastgesteld op 68 jaar.

De pensioenrichtleeftijd is geen vast gegeven: werknemers kunnen meestal eerder met pensioen gaan als ze dat willen. De marges waarbinnen mensen met pensioen kunnen gaan, verschillen per pensioenfonds. Bij het metaalfonds PME is dat bijvoorbeeld vanaf 55 jaar, bij het ambtenarenfonds ABP 60 jaar.

Bij de keuze voor vroegpensioen speelt een aantal zaken:

Op welke leeftijd wil ik met vroegpensioen?
Zal ik nog een aantal dagen per week blijven werken?
Staat mijn pensioenfonds deeltijdpensioen toe?
Kan ik bij mijn werkgever gedeeltelijk blijven werken tot ik helemaal met pensioen ga?
Welke financiële gevolgen hangen er vast aan vroegpensioen?
Vroegpensioen en AOW starten niet op hetzelfde moment.
Hoe kan ik het beste extra geld opzij zetten voor vroegpensioen?

Op welke leeftijd wil ik met vroegpensioen?

Veel mensen willen eerder met pensioen dan de officiële pensioenleeftijd. Aan het einde van de loopbaan ervaart menigeen het werk als zwaar en staat men sceptisch tegenover de zoveelste verandering. Het kan geen kwaad om al vroeg na te denken wat de gewenste pensioenleeftijd is. En, als er een partner is die ook werkt, of het mogelijk is om beiden ongeveer op hetzelfde moment te stoppen. Bedenk dat vroegpensioen geld kost, gemiddeld tussen 6 tot 8 procent per jaar.

Zal ik nog een aantal dagen per week blijven werken?

Stop je in een keer helemaal met werken, dan wacht je misschien wel de beruchte pensioendip. Een levenlang werken gaat in je systeem zitten. Het zal zeker even wennen zijn als dat opeens wegvalt. Je kunt dit proces geleidelijk laten verlopen door je werk af te bouwen, bijvoorbeeld door een of twee dagen per week minder te werken. Je kunt dit doen door met deeltijdpensioen te gaan. Voor de tijd dat je wel nog werkt blijf je pensioen opbouwen.

Staat mijn pensioenfonds deeltijdpensioen toe?

Deeltijdpensioen is bij veel mensen nog onbekend. Het bestaat wel en de meeste pensioenfondsen hebben in hun reglement een keuze voor deeltijdpensioen ingebouwd. Bij het pensioenfonds Zorg en Welzijn is deeltijdpensioen mogelijk vanaf vijf jaar voor de AOW-leeftijd. De leeftijd is niet bij elk pensioenfonds hetzelfde. Navragen dus.

Kan ik bij mijn werkgever gedeeltelijk blijven werken tot ik helemaal met pensioen ga?

Volgens de Wet flexibel werken heb je als werknemer het recht om je werkgever te vragen de arbeidsduur of de werktijd aan te passen. Je werkgever kan je verzoek alleen weigeren om roostertechnische redenen, als de veiligheid erdoor in gevaar komt, of als er voor de werkgever ernstige financiële problemen door ontstaan. Voor werkgevers met minder dan tien werknemers geldt dat zij ook iets moeten regelen voor hun werknemers, maar er is geen wettelijke basis voor.

Welke financiële gevolgen hangen er vast aan vroegpensioen?

Wie volledig eerder met pensioen gaat krijgt ook minder pensioen (iets wat overigens ook opgaat voor het partnerpensioen!). Reken op ongeveer 6 tot 8 procent per jaar dat je helemaal bent gestopt met werken. Je kunt dit oplossen met de zogenaamde hoog-laag-constructie. Veel pensioenfondsen bieden die mogelijkheid. Wat er gebeurt, is dat je ouderdomspensioen wordt opgesplitst in een periode van hoge en lage uitkeringen. In geval van vroegpensioen krijg je de periode tot aan de AOW-leeftijd een hoge uitkering, en een lage daarna. Dit wordt gedaan omdat je vanaf je AOW-leeftijd een AOW-uitkering krijgt naast het pensioen van de werkgever (zie ook hieronder: Vroegpensioen en AOW starten niet op hetzelfde moment).

Wie gedeeltelijk blijft werken na het vroegpensioen blijft voor dat deel ook pensioen opbouwen. Je kunt ervoor kiezen het mindere salaris aan te vullen met uitkeringen uit deeltijdpensioen. Nu is het vaak zo dat mensen niet minder willen gaan werken vanwege het lagere inkomen. Met deeltijdpensioen gaan kan dat probleem oplossen.

Vroegpensioen en AOW starten niet op hetzelfde moment

Vroegpensioen is pensioen dat je in loondienst hebt opgebouwd. Daarnaast heeft iedereen die in Nederland woont recht op het staatspensioen: de AOW. Werkenden krijgen dus werknemerspensioen en AOW. Beide pensioenen kennen echter verschillende ingangsdata. Het verschil: met het werknemerspensioen kun je ‘spelen’, dat wil zeggen eerder of later laten ingaan dan de officiële pensioenleeftijd, wel of niet kiezen voor partnerpensioen, of de hoogte variëren (de zogenaamde hoog-laag-constructie).

Over de AOW heb je zelf weinig te zeggen. De leeftijd waarop je die uitkering krijgt wordt van overheidswege vastgesteld. Het vervelende eraan is dat de AOW-leeftijd wordt gekoppeld aan de levensverwachting. Omdat we met zijn allen steeds ouder worden, verschuift de AOW-leeftijd steeds verder naar achteren. Ben je bijvoorbeeld geboren in 1985, dan is jouw AOW-leeftijd anno 2017 71 jaar en drie maanden. Maar dat is geen zekerheidje. Het is heel goed mogelijk dat jouw AOW-leeftijd in de loop der tijd naar boven wordt bijgesteld.

Wil je eerder stoppen met werken, stel op je 65e, dan gaat je werknemerspensioen dus in op je 65e en je AOW vanaf je 71e en drie maanden. Het meeste ideale zou natuurlijk zijn als beide pensioenen op hetzelfde moment ingaan, omdat je inkomen dan het hoogst is, maar dat zal bij velen van ons toch anders zijn. Een en ander kan ertoe leiden dat je wel wilt stoppen op je 65e, maar dat dit financieel niet haalbaar is. Hou daarbij ook rekening met het feit dat de pensioenregelingen steeds soberder worden en dat je pensioenopbouw tijdens je werkzame flinke klappen kan oplopen.

Hoe kan ik het beste geld opzij zetten voor vroegpensioen?

Wil je het zekere voor het onzekere nemen, dan kun je het beste tijdig geld opzij zetten om een financieel pensioengat te dichten. In feite ben je dan bezig met vermogensopbouw. Dat klinkt hoogdravend maar is het niet. Als je geld spaart op een spaarrekening ben je ook al bezig met een vorm van vermogensopbouw. Daarnaast zijn er de volgende alternatieven:

  • Bij een bank of verzekeraar een lijfrente nemen. Hiermee stort je periodiek of eenmalig premie op een geblokkeerde spaar- of beleggingsrekening. Afhankelijk van je pensioenopbouw, mag je de betaalde premie aftrekken van de inkomstenbelasting. Aan het einde van de looptijd, en dit mag vóór de AOW-leeftijd zijn, krijg je uit het gespaarde kapitaal uitkeringen als aanvulling op je (vroeg)pensioen. Nadeel: je weet vantevoren niet hoeveel je aan het einde bij elkaar hebt en dus ook niet hoog je maandelijkse uitkeringen zullen zijn.
  • Zelf sparen of beleggen op een spaar- en/of beleggingsrekening. Je kunt zelf helemaal bepalen hoeveel, wanneer en bij wie je spaart of belegt. In tegenstelling tot de bovengenoemde lijfrente kun je zelf bepalen wanneer en hoeveel je wilt opnemen. Dit kan ook ver voor de pensioenleeftijd zijn. Deze vorm van sparen valt voor de inkomstenbelasting in box 3, wat betekent dat je per jaar vermogensbelasting moet betalen indien je saldo boven de jaarlijkse verstelling komt.
  • Extra sparen bij je pensioenfonds. Naast de standaard pensioenpremie die je werkgever op je brutosalaris inhoudt, kun je voor een beter ouderdomspensioen vaak extra bijsparen bij je pensioenfonds. Dit gaat dan wel ten koste van je salaris. De uitkeringen zijn altijd levenslang, dus niet tijdelijk ter overbrugging. Informeer bij je pensioenfonds naar de mogelijkheden.
  • Hypotheek aflossen. Mensen die nu een hypotheek nemen, zijn verplicht deze annuïtair of lineair af te lossen. Wie daarmee voor zijn dertigste begint, heeft op zijn zestigste het huis helemaal of gedeeltelijk vrij. Dit geld kun je verzilveren door het huis te verkopen of door het met een krediethypotheek op te nemen. Dit laatste kan alleen met goedkeuring van de banken en is niet altijd mogelijk.

Hoe doe je dat nu, met vroegpensioen gaan?

Met vroegpensioen gaan is allereerst een persoonlijke keuze. Overwegingen die daarbij een rol spelen zijn meestal een mix van zaken, zoals de wens om op een bepaalde leeftijd te stoppen, de partner en diens situatie, en natuurlijk de vraag of eerder stoppen financieel haalbaar is. Onderbelicht en nog relatief onbekend is het deeltijdpensioen. Hiermee loopt de pensioenopbouw door, omdat je parttime blijft werken. Daarnaast ga je toch al voor deel met pensioen. Dat maakt (gedeeltelijk) eerder stoppen met werken aantrekkelijk. Realiseer je dat veel mensen tijdens hun leven een pensioengat oplopen, ook als men tot de officiële pensioenleeftijd doorgaat. Eerder met pensioen gaan vergroot dat pensioentekort nog meer. Wil je toch eerder stoppen, hou dan zicht op je pensioenopbouw en begin tijdig met geld opzij te zetten.

Zie ook: eerder met pensioen

Pensioenadvies

Wil je extra voor je pensioen sparen? Maar hoe en met welk product weet je niet. Tijd voor onafhankelijk pensioenadvies van de Pensioentelefoon. Open op vrijdag van 9.30 tot 12.30 uur

Lees meer

Contact

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.